2026/13 Gegrond

X / de hoofdredacteur van Cvandaag

Samenvatting

Cvandaag heeft in het artikel “Kerkstrijd in Rotterdam: “Klachten waren middel om ds. Paul Visser te cancelen” aandacht besteed aan perikelen die spelen binnen de Maranathakerk. Cvandaag heeft in de publicatie de niet-openbare beslissing van het Classicaal College voor Opzicht (verder CCO) waarbij klager partij was op journalistiek onzorgvuldige wijze vertaald en samengevat. Hierdoor is een vertekend beeld ontstaan met als gevolg dat een onzorgvuldige weergave van de kwestie is gegeven. Daarnaast heeft Cvandaag ten onrechte nagelaten bij klager wederhoor te vragen terwijl hij in de publicatie wordt gediskwalificeerd. Ten slotte is het gebruik van anonieme bronnen onvoldoende verantwoord en zijn de bronnen zelf -voor zover mogelijk- onvoldoende van context voorzien. Daardoor kan de lezer in onvoldoende mate de betrouwbaarheid van de bronnen inschatten. Dit klemt te meer omdat deze bronnen klager diskwalificeren. De klacht is daarom gegrond.
De Raad doet de aanbeveling aan Cvandaag om deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

de hoofdredacteur van Cvandaag

De heer X (klager) heeft op 25 november 2025 een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van Cvandaag. Klager heeft op 11 en 12 december 2025 zijn klacht nader toegelicht. Cvandaag heeft op 19 december 2025 op de klacht gereageerd.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 16 januari 2026. Klager is daar verschenen. Namens Cvandaag waren de heren J. Schipper, hoofdredacteur, en G. van Breugel, redacteur, aanwezig. Klager heeft zijn standpunt nader toegelicht aan de hand van een notitie.

DE FEITEN

Klager heeft de niet-openbare uitspraak van 6 november 2024 van het Classicaal College voor het Opzicht (verder CCO), waarbij klager en ds. Visser partij waren, ingebracht in de procedure bij de Raad. Het CCO heeft onder meer als volgt geoordeeld:
“Het college stelt voorts vast dat het door ds. Visser na de gewraakte app van dhr [X] 18 februari contact zoeken met mw [achternaam] buiten haar echtgenoot om moet worden beschouwd als het zaaien van tweespalt binnen een huwelijk.”
en:
“Het college is van oordeel dat ds. Visser zich met de uiting en de handelingen tijdens het pastorale gesprek op 5 december 2023, maar met name met de gedragingen na het ontvangen van de apps op 18 februari 2024, schuldig heeft gemaakt aan veronachtzaming van het ambt. Bij deze vaststelling past een terechtwijzing als bedoeld in Ordinantie 10, artikel 9, zevende lid van de Kerkorde als middel van kerkelijke tucht wegens veronachtzaming van het ambt. ”
Op 8 september 2025 heeft Cvandaag op zijn website een artikel geplaatst met de kop “Kerkstrijd in Rotterdam: “Klachten waren middel om ds. Paul Visser te cancelen”. Het artikel begint aldus:
“”Dominee Paul Visser is monddood gemaakt en gecanceld.” Dit is de stellige overtuiging van meerdere betrokkenen uit de Rotterdamse Maranathakerk. Visser nam eind vorig jaar afscheid van de Hervormde wijkgemeente Maranathakerk, te midden van meerdere klachten die tegen zijn pastorale handelwijze werden ingediend. Uit interne communicatie en gesprekken met een aantal betrokkenen blijkt dat er van grensoverschrijdend gedrag geen sprake is.”
Na deze intro volgt een passage met de tussenkop “Verantwoording: waarom publiceert Cvandaag dit verhaal?” waarin staat:
“Sinds eind 2024 is verscheidene keren in de christelijke media bericht over de kwestie-Paul Visser. Op basis van snippers informatie werden duizenden christenen in Nederland eenzijdig geïnformeerd over de positie van een invloedrijke en bekende predikant. Deze kwestie overstijgt een lokale kerkelijke gemeente. […] Cvandaag sprak uitgebreid met directe betrokkenen en kreeg interne communicatie onder ogen. Op basis daarvan zijn we van mening dat dit achtergrondartikel nodig is om aan onze journalistieke plicht te voldoen: het informeren van christelijk Nederland.”
Het artikel bevat onder de tussenkop “Wat ging er aan de klachtenprocedure vooraf?” de volgende passage:
“Visser krijgt eind 2023 te maken met een lastig en emotioneel pastoraal probleem. Tijdens een pastoraal gesprek is een vrouw compleet overstuur en in tranen. Visser maakt een handgebaar van troost en adviseert de vrouw om haar verleden te delen met haar man. Haar partner hoort het verhaal aan en concentreert zijn boosheid vervolgens op Visser. Zo veroorzaakt dit gebeuren veel emotie. Visser probeert de emoties in te dammen door tegen het verbod van de man in opnieuw contact te leggen met de vrouw, ook via gezinsleden, en zich beschikbaar te stellen voor nadere gesprekken om zo het ontstane conflict op te lossen. Maar in de kring rond de vrouw is al te veel boosheid die zich op Visser richt. Toch laat de vrouw later weten dat zij deze escalatie erg vervelend vindt. De kwestie lijkt kort daarna door gesprekken opgelost en met handdrukken bezegeld. […] Niets wijst op een dramatisch vervolg. Maar eind april 2024 blijkt er toch een klacht bij de kerkenraad te zijn ingediend. Alles wat eerder uitgesproken en vergeven was, ligt weer helemaal open. Verschillende betrokkenen laten aan Cvandaag weten dat de man heeft verteld dat hij bij het opstellen van de klacht hulp heeft gehad van ds. Van der Vlies.”
Onder de tussenkop “Uitspraak in eerste zaak” staat:
“Ondertussen heeft de kerkenraad de procedure gevolgd door het Classicaal College voor Opzicht (CCO) te vragen om de klacht te onderzoeken. In de uitspraak van 6 november 2024 richt het CCO zich met name op de wijze waarop Visser destijds geprobeerd heeft de ontstane consternatie in te dammen. Het CCO legt, na het deels gegrond verklaren van de klacht inzake de wijze van contact zoeken met de vrouw, Visser een terechtwijzing op (de lichtste vorm van tucht). Dit betekent dat Visser zijn ambt kan blijven uitoefenen. Het andere deel van de aanklacht, waarin de integriteit van Visser bestreden wordt, wordt door het CCO als ongegrond afgewezen. Zowel dominee Visser als de klager besluiten om niet tegen de uitspraak in beroep te gaan.
Direct na deze uitspraak reageert de teleurgestelde klager woedend richting de voorzitter van de kerkenraad: Visser moet volgens hem van de preekstoel. Enkele dagen later komen er nieuwe klachten binnen bij de kerkenraad die opnieuw gaan over de pastorale betrokkenheid van Visser en zijn spontane omgangsvormen. Deze klachten waren al in een eerder stadium naar tevredenheid afgehandeld, waar de kerkenraad van op de hoogte was. Het CCO constateert dat dit “opvallend” is. Bovendien kennen de melders en klagers elkaar goed en hebben zij bij het indienen van de nieuwe klachten met elkaar en met ds. Van der Vlies overlegd.”
Onder de tussenkop “Lastercampagne” is onder meer te lezen:
“[…] Tot op de dag van vandaag wil de eerste klager, via interne kanalen en sociale media, de buitenwereld laten geloven dat Visser schuldig is aan seksueel grensoverschrijdend gedrag, zo wordt duidelijk uit screenshots die Cvandaag onder ogen kreeg. Het CCO heeft echter tot driemaal toe onomwonden uitgesproken dat hiervan geen sprake is.”
Onder de tussenkop “Veilige kerk?” staat:
“[..] Tijdens een gebed van een gastpredikant – hij bad voor de gespannen situatie in de Maranathakerk – verliet de eerstgenoemde klager boos de kerk. De man liet de aanwezigen tijdens het gebed schrikken door keihard met een deur te smijten. Hij heeft vervolgens gedreigd om Visser tijdens zijn afscheidspreek van de preekstoel te halen. [..]”
Het artikel besluit met:
“Ten onrechte beschadigd
De betrokkenen delen hun verhaal met Cvandaag, omdat volgens hen ten onrechte het beeld is ontstaan dat Visser een scheve schaats zou hebben gereden. Hierdoor is hij in hun ogen beschadigd. Op basis van de uitspraken van het CCO en de interne communicatie kan volgens betrokkenen niet worden geconcludeerd dat er sprake zou zijn van grensoverschrijdend gedrag, maar hooguit van “ontactisch handelen”. “Een pijnlijke kwestie waarbij ‘veilige kerk’ niet geldt voor de predikant. Visser stond er alleen voor, werd monddood gemaakt en aan zijn lot overgelaten.”
Bovenstaand artikel is gebaseerd op gesprekken met een aantal betrokkenen van de
Maranathakerk, appgesprekken, interne communicatie en uitspraken van het CCO die door Cvandaag zijn ingezien. De namen van de betrokkenen zijn bij de Cvandaag-redactie bekend.”

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt – kort samengevat – het volgende. Het artikel suggereert een reconstructie te zijn van gebeurtenissen die hebben geleid tot het vertrek van ds. Paul Visser uit de Maranathakerk in Rotterdam. De berichtgeving bevat echter een onvolledige en onjuiste weergave van gebeurtenissen en omstandigheden met betrekking tot klager. Zo citeert Cvandaag niet het oordeel van het CCO dat ds. Visser door zijn gedrag tweespalt heeft gezaaid binnen een huwelijk maar beperkt het zich tot de vermelding dat ds. Visser ‘de lichtste vorm van tucht’ heeft opgelegd gekregen. Ook is de beschrijving die het CCO in zijn uitspraak als vaststaand feit heeft opgenomen over hetgeen is voorgevallen tijdens het pastorale gesprek van 5 december 2023 niet overgenomen. Integendeel, er is een volstrekt onjuiste en incomplete weergave van zaken opgetekend. Verder is het pertinent niet waar dat klager hulp heeft gehad van ds. Van der Vlies met het formuleren van zijn klacht bij het CCO. Hij heeft hem enkel gevraagd wat de juiste kerkordelijke route was. Dit heeft klager ook aan de kerkenraad laten weten.
Daarnaast is ten onrechte geen wederhoor bij klager toegepast. De klacht die hij en zijn vrouw tegen ds. Visser hebben ingediend, wordt zelfs in de kop benoemd als ‘middel om ds. Paul Visser te cancelen’. Ook worden aan klager in het artikel verschillende emoties en gedragingen toeschreven waardoor wordt gesuggereerd dat hij een belangrijke bron van de onrust binnen de Maranathakerk is. Zo wordt gemeld dat klager ‘teleurgesteld’ en ‘woedend’ zou zijn. Ook heeft klager niet gezegd dat Visser van zijn preekstoel af moet. Bovendien heeft hij niet gezegd of geschreven dat hij heeft gedreigd om ds. Visser tijdens zijn afscheidsdienst van de preekstoel te halen. Daarnaast is klager ten onrechte niet om wederhoor gevraagd over de beschuldiging dat hij zijn klacht tegen ds. Visser met hulp van diens collega-predikant ds. Van der Vlies zou hebben opgesteld.
Ten slotte is er gebruik gemaakt van anonieme bronnen zonder dat hun aantal, betrokkenheid, onafhankelijkheid en betrouwbaarheid kan worden geverifieerd. Deze niet verantwoorde toekenning van bronbescherming camoufleert mogelijk de ware aard en toedracht van het artikel: Cvandaag heeft geen eigen, onafhankelijk en evenwichtig journalistiek onderzoek toegepast, maar is op de loop gegaan met input van één of meer coöpererende (dus niet onafhankelijke) bronnen die hun verhaal zelf bij de redactie hebben geplugd.

Cvandaag stelt daar – eveneens samengevat – het volgende tegenover. Het artikel “Kerkstrijd in Rotterdam: “Klachten waren middel om ds. Paul Visser te cancelen” betreft zorgvuldige journalistiek. De berichtgeving is feitelijk juist, wederhoor is correct en proportioneel toegepast en bronbescherming is terecht ingezet.
De publicatie is tot stand gekomen op basis van verifieerbare feiten. Met name is gebruik gemaakt van de uitspraken van het CCO, aangevuld met interne documenten en gesprekken met meerdere betrokkenen. Het artikel beoogt geen reconstructie te zijn van de persoonlijke klacht van klager maar zoomt in op de kerkelijke dynamiek en machtsverhoudingen rond het conflict tussen twee predikanten (ds. Visser en ds. Van der Vlies) en de rol van de kerkenraad. De klagers die hun beklag hebben gedaan over ds. Visser komen daarin slechts zijdelings aan bod, uitsluitend voor zover hun handelen relevant is voor die bredere context en uitsluitend op basis van CCO-uitspraken.
Het overgrote deel van de beschreven feiten is rechtstreeks terug te voeren op de uitspraken van het CCO van 6 november 2024 en 28 augustus 2025. Cvandaag heeft zich nadrukkelijk gebaseerd op deze vastgestelde feiten. Waar gedrag wordt beschreven, betreft dit geen nieuwe kwalificaties of beschuldigingen, maar parafraseringen van wat het CCO als vaststaand heeft aangemerkt. Zo is onder meer expliciet vermeld dat het CCO geen seksuele handelingen heeft vastgesteld, de opgelegde maatregel een terechtwijzing betreft (de lichtste vorm van tucht) en er sprake was van “veronachtzaming van het ambt”. Cvandaag heeft geen feiten toegevoegd die buiten de CCO-uitspraken vallen en heeft zich onthouden van eigen kwalificaties.
Klager wordt in het artikel niet beschuldigd of gediskwalificeerd. Daarom was wederhoor bij hem niet nodig. Het handelen van klager wordt uitsluitend beschreven als onderdeel van een kerkelijke procedure, op basis van officiële documenten. Het artikel bevat geen negatieve kwalificaties over zijn persoon, motieven of integriteit die niet uit het CCO-materiaal volgen. De vermelding dat klager hulp van ds. Van der Vlies heeft gekregen bij zijn klacht over ds. Visser is geen beschuldiging, maar een verslag van verklaringen die relevant zijn voor het begrijpen van de kerkelijke dynamiek.
Waar het artikel wél kritische vragen en mogelijke verwijten bevat, is wederhoor toegepast. Zo zijn ds. Van der Vlies en de kerkenraad wel benaderd voor wederhoor. Zij hebben de gelegenheid gekregen om feitelijk onjuistheden zoals over het gestelde contact met diegenen die een klacht hebben ingediend over ds. Visser kunnen weerleggen. Van deze gelegenheid hebben zij echter geen gebruik gemaakt.
Het gebruik van anonieme bronnen is gerechtvaardigd en noodzakelijk geweest. Rond de afscheidsdienst van ds. Visser bestond aantoonbaar een onveilige situatie: de politie is vooraf geïnformeerd, er waren veiligheidsmaatregelen getroffen en de spanningen liepen hoog op. Zonder de geboden bescherming zouden betrokkenen niet hebben durven spreken en zou essentiële informatie over kerkelijke besluitvorming en interne communicatie niet beschikbaar zijn gekomen. Cvandaag heeft niet lichtvaardig anonimiteit toegekend. De bronnen zijn bij de redactie bekend, onderling onafhankelijk en hebben inzage gegeven in interne communicatie die hun verklaringen ondersteunt. Tijdens de zitting heeft Cvandaag laten weten er niet bij stilgestaan te hebben om deze onderbouwing voor het gebruik van anonieme bronnen ook in het artikel op te nemen.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

De Raad heeft kennisgenomen van de volledige uitspraak van het CCO van 6 november 2024 waarbij klager partij was. De Raad zal in de weergave daarvan zo veel mogelijk de vertrouwelijkheid van de uitspraak respecteren.

Kern van de klacht is dat de berichtgeving niet waarheidsgetrouw is. Daarnaast is ten onrechte geen wederhoor toegepast en is onvoldoende transparantie betracht bij het gebruik van anonieme bronnen. De Raad zal zich tot deze kern beperken.

Media hebben een belangrijke taak om misstanden in de samenleving aan de kaak te stellen. Het is dan ook maatschappelijk en journalistiek relevant om onderzoek te verrichten naar en te berichten over perikelen die spelen binnen de Maranathakerk.
Daarbij zijn de journalist en zijn redactie vrij in de selectie van nieuws. Het is aan de journalist om te bepalen vanuit welke invalshoek(en) een onderwerp wordt belicht en in welke context het bericht wordt gebracht. Dit neemt niet weg dat de journalist het belang dat met een publicatie is gediend dient af te wegen tegen de belangen die eventueel door de publicatie worden geschaad.

Verder geldt dat bij personen die door een publicatie worden gediskwalificeerd, wederhoor moet worden toegepast. Het beginsel van wederhoor geldt niet voor berichtgeving van feitelijke aard, zoals een verslag van een openbare bijeenkomst.  Bovendien worden beschuldigingen alleen gepubliceerd wanneer onderzocht is of hiervoor een deugdelijke grondslag bestaat, zeker wanneer die beschuldigingen werden geuit door personen die in conflict verkeren met de beschuldigde of die anderszins belanghebbende zijn.

In het artikel is aandacht besteed aan een niet-openbare uitspraak van het CCO waarbij klager als partij is betrokken. Cvandaag heeft ervoor gekozen om deze uitspraak op onderdelen te parafraseren en samen te vatten. Dit kan de begrijpelijkheid voor de lezers ten goede komen. Wel moet hiermee zorgvuldig worden omgegaan, zeker waar het beslissingen betreft die worden gekenmerkt door nauwkeurigheid van woordkeuze. De te betrachten zorgvuldigheid geldt temeer voor uitspraken die niet openbaar zijn en waarbij de lezer slechts via de weergave in de media daarvan kennis kan nemen.

Naar het oordeel van de Raad is de beslissing van het CCO van 6 november 2024 op journalistiek onzorgvuldige wijze vertaald en samengevat. Hetgeen in de berichtgeving door Cvandaag is vermeld doet naar het oordeel van de Raad in onvoldoende mate recht aan de strekking en bewoording van de uitspraak. Door de gekleurde en onvolledige wijze van samenvatten is een vertekend beeld ontstaan van de feitenvaststelling en het oordeel van het CCO. Zo constateert de Raad onder meer een wezenlijk verschil tussen hetgeen het CCO heeft vastgesteld over het pastorale gesprek van 5 december 2023 en het contact zoeken met de echtgenote van klager, buiten klager om, en de parafrasering hiervan door Cvandaag.

CVandaag bericht over twee kampen binnen de Maranatha-kerk waarbij klager kennelijk behoort tot het kamp dat opponeert tegen ds Visser. In het artikel komt op meerdere punten het pro-Visser kamp aan bod terwijl klager niet is benaderd voor wederhoor. Daarbij is van belang dat de strekking van het hele artikel diskwalificerend is voor klager.
Dit geldt met name ook voor de passage waarin staat dat bronnen van klager hebben gehoord dat hij hulp kreeg van ds Van der Vlies bij het opstellen van zijn klacht. De Raad constateert in dit verband dat, mede gezien de titel van het artikel “Klachten waren middel om ds. Paul Visser te cancelen”, de berichtgeving over de hulp van ds. Van der Vlies aan klager bij het opstellen van zijn klacht, bezien tegen de achtergrond van het conflict tussen Visser en Van der Vlies, het beeld oproept dat klager bijdraagt aan het cancelen van ds. Visser. Daarmee is een context gecreëerd die voor klager diskwalificerend is.
Tegen deze achtergrond had bij klager wederhoor moeten worden toegepast.

Uitgangpunt is dat bronnen in een publicatie worden vermeld, maar journalisten beschermen de identiteit van bronnen aan wie zij vertrouwelijkheid hebben toegezegd en van bronnen van wie zij wisten of konden weten dat zij hen informatie hebben toegespeeld in de verwachting dat hun identiteit niet zou worden onthuld.

De Raad constateert dat in de berichtgeving anonieme bronnen zijn gebruikt die menen dat ds. Visser onrecht is aangedaan onder meer door toedoen van klager. De Raad constateert verder dat Cvandaag in de publicatie geen uitleg heeft gegeven waarom het is overgegaan tot het anonimiseren van deze bronnen. Ook stelt de Raad vast dat geen verdere informatie is gegeven over de anonieme bronnen anders dan dat zij betrokkenen zijn van de Maranathakerk en dat hun gegevens bekend zijn bij de redactie.

Het is voorstelbaar dat Cvandaag, gelet op de kleine gemeenschap die betrokken is bij deze kwestie en de gepolariseerde sfeer die was ontstaan door het conflict binnen de kerk, bepaalde informatie alleen onder geheimhouding kon verkrijgen en dat het niet mogelijk was al haar bronnen in de publicatie bekend te maken. Maar juist deze sfeer, waarbij sprake is van twee kampen, maakt het noodzakelijk de lezer voldoende inzicht te geven in de keuze die heeft geleid tot het gebruikmaken van anonieme bronnen, de achtergrond van de bronnen en de vraag hoe het beschikbare overige materiaal zich verhoudt tot de anoniem verstrekte informatie. Op die manier kan een lezer een inschatting maken van de betrouwbaarheid van de bronnen. Dit weegt zwaarder naarmate de anonieme bronnen beschuldigingen uiten.

De Raad is van oordeel dat de lezer op basis van de in de publicaties verstrekte informatie over (het gebruik van) de anonieme bronnen in onvoldoende mate de betrouwbaarheid van hen kan inschatten. Aangezien de anonieme bronnen klager diskwalificeren door hem medeverantwoordelijk te houden voor het monddood maken en cancelen van ds. Visser, is het des te belangrijker het gebruik van anonieme bronnen toe te lichten en -voor zover mogelijk- de context van de bronnen te duiden. Zoals CVandaag ter zitting heeft erkend, staan de redenen om gebruik te maken van anonieme bronnen wel in het verweerschrift maar niet in het artikel zelf. Daardoor is het voor de lezer onvoldoende inzichtelijk en controleerbaar gemaakt waarop de diskwalificatie van klager door de anonieme bronnen, is gebaseerd.

Het voorgaande leidt ertoe dat de klacht gegrond is.

Relevante punten uit de Leidraad: A., B.2 en B.3.
Relevante eerdere conclusies (onder meer): RvdJ 2025/35, RvdJ 2013/55

CONCLUSIE

De klacht is gegrond.

De Raad doet de aanbeveling aan Cvandaag om deze conclusie integraal of in samenvatting te publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 17 maart 2026 door mr. J.J. van Eck, voorzitter, drs. R. Duiven, mr. drs. M.J.P.H. Josten, M. ten Katen en drs. E.M.H. Lemaier, leden, in tegenwoordigheid van mr. E. Hoefnagel, adjunct-secretaris.


Publicatie CVandaag.nl d.d. 18 maart 2026