2022/19 Deels onzorgvuldig

X / G. Mijnlieff, E. de Vos en de hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer

Samenvatting

G. Mijnlieff, E. de Vos en De Groene Amsterdammer (hierna gezamenlijk: De Groene Amsterdammer) hebben in het artikel “Hand in hand…” aandacht besteed aan geweld tegen lhbti-supportersvereniging de Roze Kameraden en de bedreiging van bestuursleden van voetbalclub Feyenoord. Daarbij is in een apart kader een reactie van klager geplaatst op vragen over supportersparticipatie. De Groene Amsterdammer heeft aannemelijk gemaakt dat zij klager goed heeft voorgelicht over de strekking van het artikel. Er bestond voldoende aanleiding om over de kwestie te berichten op de wijze zoals is gedaan. Van relevante feitelijke onjuistheden is niet gebleken. In zoverre was de handelwijze van De Groene Amsterdammer zorgvuldig.
Gelet op alle omstandigheden van dit specifieke geval heeft De Groene Amsterdammer echter geen zorgvuldige afweging gemaakt ten aanzien van de vermelding van de naam van klager. Op dit punt heeft De Groene Amsterdammer journalistiek onzorgvuldig gehandeld. De Raad doet de aanbeveling aan De Groene Amsterdammer deze conclusie ruimhartig te publiceren.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

G. Mijnlieff, E. de Vos en de hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer

De heer X (klager) heeft op 8 december 2021 een klacht ingediend tegen mevrouw G. Mijnlieff, de heer E. de Vos en de hoofdredacteur van De Groene Amsterdammer (hierna gezamenlijk: De Groene Amsterdammer). Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van klager en De Groene Amsterdammer betrokken van 9 en 13 december 2021, van 4 april 2022 en van 2 en 3 mei 2022.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 13 mei 2022 waar namens De Groene Amsterdammer Mijnlieff en De Vos zijn verschenen. Klager kon niet aanwezig zijn. De Groene Amsterdammer heeft haar standpunten toegelicht aan de hand van een notitie.

DE FEITEN

Op 8 en 9 december 2021 is op de website respectievelijk in de papieren editie van De Groene Amsterdammer een artikel verschenen van de hand van Mijnlieff, De Vos en een anonieme auteur met de kop “Hand in hand…” en de bovenkop “Onderzoek Terreur langs de lijn”. De intro van het artikel luidt:
“Het geweld tegen lhbti-supportersvereniging de Roze Kameraden en de bedreiging van bestuursleden laten zien hoe een kleine gewelddadige supportersgroep van Feyenoord de voetbalclub in zijn greep houdt. Er heerst angst in de club.”
Het artikel bevat verder onder meer de volgende passages:
“De harde kern is een divers gezelschap met gewone fanatieke supporters naast groepen jongeren die geweld en terreur niet schuwen om hun doel te bereiken. Ze opereren onder de namen RJK, De Noordzijde en FIIIR en hebben verbinding met tal van plekken in de club. Ze voelen zich sterk omdat ze ervan uitgaan dat hun standpunten – tegen een nieuw stadion (Feyenoord City) en tegen de Roze Kameraden – op brede steun in het legioen kunnen rekenen.
Of dit het geval is hebben we in samenwerking met de Utrecht Data School (Universiteit Utrecht) in meer dan tachtigduizend tweets over Feyenoord in het najaar van 2021 geanalyseerd. Want supporters van Feyenoord – van de incidentele bezoekers tot de harde kern – komen niet alleen samen in De Kuip, maar bewegen zich in toenemende mate ook in de digitale arena. Wanneer je bekijkt wie elkaar retweet, tekenen zich verschillende groepen af. De harde kern onderscheidt zich hier duidelijk. Een van de belangrijkste kanalen in deze groep is het account FRFC1908, dat zichzelf beschrijft als een ‘verbond van semi-hooligans’. Hier wordt bijvoorbeeld sterk geageerd tegen het bestuur, directeur Mark Koevermans, de politie en Feyenoord City.”
en:
“Hoe fanatieker de supporter, hoe minder steun voor de Roze Kameraden. Zo wordt in de harde kern veelvuldig de suggestie gewekt dat homofobie geen probleem is bij Feyenoord, dat er geen behoefte is aan ‘aparte’ supportersverenigingen of wordt er gesproken over ‘regenbooggedram’. De Roze Kameraden worden hierbij spottend de roze ‘maatjes’, ‘makkers’ of ‘flikkers’ genoemd.
De homohaat is bij de harde kern ook het heftigst. Maar liefst 43 procent van alle homohatende tweets in onze dataset is afkomstig uit deze groep, terwijl de groep slechts 7,7 procent van het totale netwerk omvat. Homofobie en weerstand tegen homo-acceptatie in het voetbal komen dus online van een luide minderheid.”
In een apart kader staat vervolgens:
‘Clubbelang gaat boven eigenbelang’
‘Het grote probleem van Feyenoord is de kwaliteit van de bestuurders’, zegt [X]. Hij is gloednieuw bestuurslid van FSV De Feijenoorder, maar reageert op persoonlijke titel. ‘Dat komt doordat profvoetbal nog altijd als een amateurorganisatie ingericht is. Ons kent ons. Commissarissen die getuigen zijn op bruiloften van directeuren. Er is geen open en eerlijke procedure voor de aanstelling van “de juiste kandidaat” maar vaak worden vriendjes uit het netwerk aangeboord. Objectiviteit en een kritische houding, daar hebben ze nog nooit van gehoord, en gecombineerd met gebrek aan visie én binding met de club levert het een dodelijke mix op van “eigenbelang boven clubbelang”.
Dit zou opgelost kunnen worden door supporters niet meer als extern probleem te zien maar als interne motor. Niemand heeft méér passie en gedrevenheid dan een creatieve kundige supporter. De onvrede verdampt vrijwel direct op het moment dat je supporters eigenaar maakt van de probleemstellingen. Onder supporters vind je mensen die op hun eigen vakgebied enorm excelleren. Waarom zouden deze mensen ongeschikt zijn voor een functie binnen de club?
Het betrekken van supporters bij het beleid gebeurt bij Feyenoord momenteel helemaal niet. De club zou veel kunnen leren van hoe het is geregeld bij sommige clubs in Engeland en Duitsland, waar supporters onderdeel zijn van de club en waar nooit problemen zijn.
Bij Feyenoord is er helaas sprake van enorm veel woede door alle problematiek. Dit splijt de club in twee delen, het bestuur met een handjevol sympathisanten en de rest van de supporters. Onder supporters leeft al jaren het idee “dat praten geen zin heeft”. Dit leidt tot grote ontevredenheid en woede, en dit zorgt inderdaad voor zeer ernstige interne problematiek. Dit is zéér eenvoudig op te lossen: zorgen dat praten wél zin heeft.
Dit kan bijvoorbeeld door de Stichting Continuïteit Feyenoord (een van de hoogste organen binnen de club) volledig te bemannen met supporters en oud-spelers die in functie gekozen zijn. Ook het volledige bestuur van die stichting die de aandelen van Feyenoord beheert zal democratisch gekozen moeten worden.”
Het artikel bevat ook nog de volgende passages:
“Van Delft, die lange tijd een stadionverbod had, is ook het langst zittende bestuurslid in de officiële supportersvereniging, die ook een eigen kantoor heeft in het directiegebouw van de voetbalclub. Volgens insiders zijn er onlangs nog meer leden van de harde kern in het bestuur gekozen, zoals de man die de illegale fakkels levert en iemand die bij de ‘huisbezoeken’ aan de voorstanders van Feyenoord City aanwezig was.”
en:
“Er heerst angst bij Feyenoord, merken we tijdens ons onderzoek. Talloze mensen willen niet praten of alleen anoniem. Ook aan de top van de club heerst angst, merkte Paul van Dorst tijdens een gesprek met Feyenoord-directeur Mark Koevermans waarvoor de Rotterdamse vvd-wethouder Vincent Karremans, de opvolger van Bert Wijbenga, bemiddeld had. ‘Ik stelde voor om tijdens de Rotterdam Pride een filmpje te maken waarin supporters en oud-spelers zich uitspraken tegen homofobie. Want ik had wel op een steviger statement van Feyenoord gehoopt over het geweld tegen ons. De club achtte dit uit veiligheidsoverwegingen echter zeer onverstandig.’”
Onderaan het artikel is de volgende verantwoording geplaatst:
“Voor dit artikel werkten we samen met Joris Veerbeek, onderzoeker bij de Utrecht Data School (Universiteit Utrecht). Daarnaast is met diverse mensen binnen en buiten Feyenoord gesproken, vaak op basis van anonimiteit. Twee van de drie auteurs zijn van jongs af aan supporter van Feyenoord.”

Voorafgaand aan de publicatie heeft klager daartegen bezwaar gemaakt. Naar aanleiding daarvan heeft De Vos hem in een e-mail van 5 december 2021 onder meer het volgende geschreven:
“Ik snap dat je niet gelukkig bent met het stuk, maar in het kader sta je vrij apart van het stuk. We leggen bij jou ook geen verband met geweld of conservatief-rechts. Ook hebben we het niet over je andere activiteiten bij Feyenoord. (…). Als je persoonlijk zwaar benadeeld wordt of zelfs gevaar loopt, kan ik je naam weghalen. Laat het me weten als dit het geval is. Bij dit onderzoek hebben we dat verzoek van veel mensen gekregen.”
Klager heeft daarop gereageerd in een e-mail van 6 december 2021, waarin hij schrijft dat “dit hele artikel is geschreven om [hem] persoonlijk zwaar te benadelen en het werken als supportersvereniging onmogelijk te maken.” Het slot van zijn e-mail luidt:
“Nee, ik wil niet geassocieerd worden met zo’n artikel en mijn naam moet er gewoon uit. Dit heb ik meermaals kenbaar gemaakt, ik trek alle steun aan dit artikel in. Vermelding van mijn naam beschouw ik als smaad en laster (…)”.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager stelt – samengevat – het volgende. Hij heeft telefonisch contact gehad met Mijnlieff, die hem onder valse voorwendselen vragen heeft gesteld. Zij deed hem doen geloven dat zij interesse had in supportersparticipatie en hoe Feyenoord verder vooruit kan worden geholpen. Slechts zijdelings heeft zij hem verteld dat het artikel ook over de gewelddadige incidenten met de Roze Kameraden zou gaan. Daarbij werd de subjectieve veronderstelling gewekt dat dit een bijzaak was. Dat uitte zich ook in het feit dat slechts één van de vijf voorgelegde vragen over dat onderwerp ging. Vervolgens zijn al zijn citaten uit verband getrokken, waardoor het lijkt dat hij racisme en homohaat ondersteunt. Klager meent dat je het kader met zijn reactie niet los kan zien van de hoofdtekst.
Verder staat het artikel vol feitelijke onjuistheden over hem en het Twitter-account FRFC1908, waarbij hij is betrokken. Met de passage “Volgens insiders zijn er onlangs nog meer leden van de harde kern in het bestuur gekozen, zoals de man die de illegale fakkels levert (…)” wordt op hem en zijn werk als retailer van nautische noodseinmiddelen gedoeld. Ten onrechte wordt de indruk gewekt dat sprake is van criminele activiteiten. Klager levert ook geen materiaal ten behoeve van supporters-acties in het stadion. De enige momenten waarop hij met zijn onderneming betrokken is bij het leveren van fakkels is als er een officieel verzoek komt voor de begeleiding van een uitvaart. Het Twitter-account heeft zich meermaals erg positief uitgelaten over de Roze Kameraden en steunt elk supportersinitiatief, maar dat wordt niet vermeld.
Als klager had geweten waar het artikel over zou gaan, dan had hij daaraan niet meegewerkt. Voorafgaand aan de publicatie heeft hij meermaals laten weten aan De Groene Amsterdammer dat hij zijn steun aan het artikel intrekt, omdat hij daarmee niet geassocieerd wil worden. Ook heeft hij verzocht zijn naam eruit te laten. Het hele artikel is geschreven om hem persoonlijk zwaar te benadelen. Hij komt als privépersoon, vanuit zijn werk en vanuit zijn vrijwilligerswerk bij FSV De Feijenoorder in het artikel voor en wordt daarbij ten onrechte geassocieerd met racisme, homohaat, hooliganisme en bedreigingen.
Klager heeft de indruk dat sprake is van een overhaast artikel. Hij wenst dat de auteurs zich bewust worden van hun verantwoordelijkheid om eerlijke, oprechte en afgewogen artikelen te produceren; dat is de kerntaak van een journalist.

De Groene Amsterdammer stelt hier – eveneens samengevat – het volgende tegenover. Naar aanleiding van het geweld tegen lhbti-supportersvereniging de Roze Kameraden is onderzoek verricht naar de verhoudingen tussen de verschillende supportersgroepen bij Feyenoord. De redactie sprak met ruim twintig mensen die als supporter of anderszins met de club verbonden zijn. Veel bronnen wilden alleen anoniem meewerken, omdat ze vreesden voor hun veiligheid. In het kader van het onderzoek is ook contact opgenomen met Gijs van Delft, een supporter en bestuurslid van FSV De Feijenoorder, die zichzelf omschrijft als een ‘eerste generatie hooligan’. De vragen werden naar Van Delft gestuurd, waarna klager reageerde dat hij de woordvoering zou doen. Vervolgens heeft Mijnlieff telefonisch contact gehad met klager. In dat gesprek stelde Mijnlieff expliciet dat De Groene Amsterdammer zou schrijven over de gewelddadige incidenten met de Roze Kameraden. Ook vertelde zij over het Twitter-onderzoek en dat daaruit naar voren kwam dat de ‘harde kern en sympathisanten’ vaker afkeurend zijn ten opzichte van aparte supportersgroepen binnen de club zoals de Roze Kameraden dan de gemiddelde supporter. Op de zitting voegt Mijnlieff hieraan toe dat zij wist dat de kwestie gevoelig lag en daarom het gesprek heeft opgenomen. De volgende dag, op 2 december 2021, stuurde klager zijn antwoorden op de vragen die hij van Delft had gekregen. Diezelfde dag heeft de redactie klager ter informatie het stuk gestuurd, waarin de reactie van klager in een apart kader is geplaatst. Daarbij is geen verband gelegd met geweld of conservatief-rechts. De redactie heeft zorgvuldig gekeken naar de bezwaren die klager tegen de voorgenomen publicatie heeft geuit en concludeerde dat het vooral ging om meningen. Dat heeft de redactie aan klager laten weten.
Verder ziet De Groene Amsterdammer geen reden om de naam van klager te verwijderen. Klager heeft de redactie benaderd met een reactie die samengevat in een kader is weergegeven. Hij komt in het stuk zelf niet voor en is in deze dus niet belanghebbend. Op de zitting voegt De Vos hieraan toe dat het als een verrassing kwam dat klager zichzelf herkende in ‘de man die de illegale fakkels levert’. Toen de redactie deze informatie ontving, heeft zij niet gevraagd naar namen; zij wist niet dat dit om klager ging.

BEOORDELING VAN DE KLACHT
 
De Raad heeft de kern van de klacht zo opgevat dat deze bestaat uit de volgende onderdelen:
1.      Aan klager zijn onder valse voorwendselen vragen gesteld en zijn antwoorden zijn uit verband getrokken.
2.      Het artikel bevat diverse feitelijke onjuistheden.
3.      De naam van klager is ten onrechte niet verwijderd.
De Raad zal zich in zijn beoordeling tot deze kern beperken.

Ad 1.
Uitgangspunt is dat journalisten werken met open vizier: zij maken zich als zodanig bekend aan potentiële gesprekspartners en zijn tegenover hen duidelijk over hun journalistieke bedoelingen. De Groene Amsterdammer heeft aannemelijk gemaakt dat zij klager goed heeft voorgelicht over de strekking van het artikel en daarbij duidelijk heeft gemaakt – niet alleen zijdelings – dat ook aandacht zou worden besteed aan het Twitter-onderzoek over de Roze Kameraden en het interne geweld. Dat klager dit kennelijk anders heeft begrepen, maakt niet dat De Groene Amsterdammer onzorgvuldig heeft gehandeld. Er bestaat geen aanleiding voor de conclusie dat de citaten van klager zijn gebruikt in een andere context dan hij mocht verwachten, gelet op wat hem door Mijnlieff is meegedeeld.

Ad 2.
Verder zijn de journalist en zijn redactie vrij in de selectie van nieuws. Het is aan de journalist om te bepalen vanuit welke invalshoek(en) een onderwerp wordt belicht en in welke context het bericht wordt gebracht. Dat neemt echter niet weg dat de journalist in het algemeen een afweging moet maken tussen het belang dat met een publicatie is gediend en de belangen die eventueel door de publicatie worden geschaad.

De Groene Amsterdammer heeft aannemelijk gemaakt dat de redactie gedegen onderzoek heeft verricht en daarbij diverse bronnen heeft geraadpleegd. Voor De Groene Amsterdammer bestond voldoende aanleiding over de kwestie te berichten op de wijze zoals is gedaan. In het artikel is toereikend onderscheid gemaakt tussen feiten, beweringen en meningen. Niet is gebleken dat de berichtgeving relevante feitelijke onjuistheden bevat. Er is geen zodanig vertekend beeld of onzorgvuldige weergave van de kwestie gegeven, dat daarmee geen sprake meer is van waarheidsgetrouwe berichtgeving.

Ten aanzien van onderdelen 1. en 2. heeft De Groene Amsterdammer journalistiek zorgvuldig gehandeld.

Ad 3.
In een publicatie mag de privacy van personen niet verder worden aangetast dan in het kader van de berichtgeving redelijkerwijs noodzakelijk is. Een inbreuk op de privacy is onzorgvuldig wanneer deze niet in redelijke verhouding staat tot het maatschappelijk belang van de publicatie. Ook in dit opzicht dient een belangenafweging plaats te vinden.

De Groene Amsterdammer heeft bij e-mail van 5 december 2021 aan klager meegedeeld dat zijn naam uit het artikel kan worden gehaald ‘indien hij persoonlijk zwaar wordt benadeeld of zelfs gevaar loopt’. Klager heeft daarop gereageerd op 6 december 2021 en laten weten dat “dit hele artikel is geschreven om [hem] persoonlijk zwaar te benadelen en het werken als supportersvereniging onmogelijk te maken.” . In zijn uitvoerige reactie heeft klager ook gesteld betrokken te zijn bij het Twitter-account FRFC1908 en duidelijk gemaakt dat de beschrijving van ‘de man die de illegale fakkels levert’ op hem slaat. Tot slot heeft klager in die reactie nogmaals verzocht zijn naam te verwijderen.
In de bezwaren van klager heeft De Groene Amsterdammer geen reden gezien de naam van klager niet te vermelden. Haar argumenten daarvoor zijn bepaald onvoldoende. Het kader met de reactie van klager zal wel degelijk worden gelezen in de context van de hoofdtekst. Verder heeft De Groene Amsterdammer bij haar beslissing niet kenbaar betrokken dat klager heeft gesteld dat hij ernstig wordt benadeeld doordat in supporterskringen duidelijk is dat hij in de hoofdtekst voorkomt. Daarbij gaat het om een gevoelige kwestie, hetgeen voor de redactie ook duidelijk was; daarom heeft zij bij veel bronnen de naam weggelaten en zelfs de naam van de derde auteur niet vermeld.
De Raad is daarom van oordeel dat – gelet op alle omstandigheden van dit specifieke geval – De Groene Amsterdammer geen zorgvuldige afweging heeft gemaakt ten aanzien van de vermelding van de naam van klager. Op dit punt heeft De Groene Amsterdammer journalistiek onzorgvuldig gehandeld.

Relevante punten uit de Leidraad: A., B.1, C. en C.1
Relevante eerdere conclusies: RvdJ 2022/6 en RvdJ 2021/11

CONCLUSIE

Voor zover de klacht gericht is tegen het vermelden van de naam van klager hebben G. Mijnlieff, E. de Vos en De Groene Amsterdammer onzorgvuldig gehandeld. Verder was hun handelwijze zorgvuldig.

De Raad doet de aanbeveling aan De Groene Amsterdammer om deze conclusie integraal of in samenvatting te publiceren.

Zo vastgesteld door de Raad op 11 juli 2022 door mr. W.A.M. van Schendel, voorzitter, L.A.M.M. Donders, mw. M. ten Katen, mw. L.M. van de Langenberg MSc en mw. M. Stenneke, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. G. Kamminga, plaatsvervangend secretaris.