2023/6 Niet inhoudelijk behandeld

G. Driessen / J. Dohmen, P. van der Steen en A. Hosman (Alfabet Uitgevers)

Samenvatting

Omdat Alfabet Uitgevers niet meedoet aan de procedure van de Raad voor de Journalistiek, heeft de Raad de klacht van G. Driessen over het boek “De vriendenreünie” van de hand van J. Dohmen en P. van der Steen niet inhoudelijk behandeld. De Raad gaat in deze situatie alleen tot behandeling van de klacht over in het bijzondere geval dat deze van algemene strekking of principieel belang is. Daarvan is hier niet gebleken.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

G. Driessen

tegen

J. Dohmen, P. van der Steen en A. Hosman (Alfabet Uitgevers)

De heer G. Driessen te Horst (klager) heeft op 16 november 2022 een klacht ingediend tegen de heer J. Dohmen en de heer P. van der Steen, journalisten, en de heer A. Hosman, uitgever bij Alfabet Uitgevers (hierna gezamenlijk: Alfabet Uitgevers). Klager heeft zijn standpunt aangevuld in een e-mail van 22 november 2022.

In een e-mail van 12 december 2022 heeft de heer mr. J. van den Brink, advocaat te Amsterdam, onder meer laten weten dat Alfabet Uitgevers zich op grond van art. 9 lid 5 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad uit beginsel niet inhoudelijk zal verweren.

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 16 december 2022 op basis van de schriftelijke stukken.

DE FEITEN

Op 17 mei 2022 heeft Alfabet Uitgevers het boek “De vriendenreünie – Limburgse Praktijken” van de hand van Dohmen en Van der Steen uitgegeven. Klager wordt daarin diverse keren genoemd.

HET STANDPUNT VAN KLAGER

Klager stelt – kort samengevat – het volgende. Het boek bevat een ernstige beschuldiging aan zijn adres die niet voldoende is onderzocht. Relevante bronnen en een integriteitsonderzoek zijn selectief terzijde geschoven en de beschuldiging berust alleen op twee zwakke bronnen. Daarnaast is klager weliswaar gevraagd om wederhoor, maar met zijn inbreng is vervolgens niets gedaan. Het boek is daardoor verwijtbaar onvolledig.
Klager heeft bezwaar gemaakt tegen publicatie voordat het boek werd uitgegeven, om te voorkomen dat het boek op deze wijze zou uitkomen. Bij de uitgave van het boek constateerde hij dat met zijn opmerkingen niets of onvoldoende is gedaan. Het nogmaals maken van bezwaar ná publicatie was kansloos, inefficiënt en mosterd na de maaltijd.
Nadat klager was gebleken dat Dohmen en de uitgever op geen enkele wijze waren meegegaan met zijn klachten, heeft hij een meldpunt ingericht specifiek gericht op de persoon van Dohmen. Uit de discussies die daaruit zijn voortgekomen lijkt het vanzelfsprekend dat sprake is van een klacht van algemene strekking en/of principieel belang.

BEOORDELING VAN DE KLACHT

In artikel 9 lid 7 – tot 1 januari 2023: artikel 9 lid 5 – van het Reglement voor de werkwijze van de Raad is het volgende bepaald:
“Indien de klacht is ingediend tegen een medium dat of een journalist die zich uit beginsel niet verweert, ziet de Raad af van behandeling, tenzij de klacht volgens de Raad van algemene strekking of principieel belang is.”

Omdat Alfabet Uitgevers onlangs aan de Raad heeft bericht dat zij niet wenst mee te werken aan de procedure van de Raad, is bij het doorsturen van de klacht meegedeeld dat indien Alfabet Uitgevers niet binnen de termijn van drie weken inhoudelijk op de klacht heeft geantwoord, dit als een stilzwijgende afwijzing van de Raad wordt beschouwd.
Alfabet Uitgevers heeft vervolgens onder meer laten weten dat indien tot behandeling wordt overgegaan zij zich op grond van artikel 9 lid 5 (sinds 1 januari 2023: artikel 9 lid 7) van het Reglement voor de werkwijze van de Raad nog steeds uit beginsel niet inhoudelijk zal verweren. De gevraagde inhoudelijke reactie op de klacht is dus uitgebleven.

Wat Alfabet Uitgevers voor het overige uit zichzelf naar voren heeft gebracht over procedurele aspecten laat de Raad buiten beschouwing. Alfabet Uitgevers heeft zich immers nog steeds op principiële gronden niet verweerd en de Raad zal dan slechts tot behandeling van een klacht overgaan in het bijzondere geval dat deze van algemene strekking of van principieel belang is. Daarvan is, zoals de Raad hierna zal toelichten, in deze zaak niet gebleken. Reeds daarom behoeven eventuele andere procedurele redenen om niet tot een inhoudelijke behandeling van de klacht over te gaan geen bespreking.

Klager maakt bezwaar tegen een passage in het boek die over hem gaat. De Raad vindt niet dat de strekking van de klacht het belang van klager in zodanige mate overstijgt, dat sprake is van een algemene strekking. Dat een inhoudelijk oordeel van de Raad mogelijk ook anderen ten goede komt, is daartoe onvoldoende.

Ook ziet de Raad geen aanknopingspunten voor de conclusie dat de klacht betrekking heeft op elementen van het journalistieke proces waarover de Raad zich niet eerder heeft uitgelaten, en daarmee van principieel belang is. De klacht gaat over het publiceren van ongefundeerde beschuldigingen, niet-waarheidsgetrouwe berichtgeving, het gebruik van bronnen en het toepassen van wederhoor. De Raad heeft hierover in zijn Leidraad algemene uitgangspunten geformuleerd die in diverse conclusies zijn uitgewerkt. Gesteld noch gebleken is dat de door de Raad gehanteerde criteria onvoldoende duidelijk zijn. Dat Alfabet Uitgevers niet volgens deze criteria zou hebben gehandeld, maakt op zichzelf de klacht nog niet van principieel belang.

De Raad ziet dan ook geen aanleiding de klacht inhoudelijk te behandelen.

Relevante punten uit de Leidraad: A., B.3, en C.
Relevante eerdere conclusies: RvdJ 2022/37

CONCLUSIE

De klacht is niet van algemene strekking of principieel belang en wordt daarom niet inhoudelijk behandeld.

Zo vastgesteld door de Raad op 9 februari 2023 door mw. mr. J.W. Bockwinkel, voorzitter, mw. L.M. van de Langenberg MSc, A. Olgun, S. Kuijper en mw. F.G. Sijtsma MA, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. G.A. van de Sluis, plaatsvervangend secretaris.