De Mores: ‘Het is de schuld van de krant’

Journalisten kunnen mensen teleurstellen. Een ‘stukje verwachtingsmanagement’ helpt dat te voorkomen.

Drie keer organiseerde de Stichting Wielerevenementen Dinkelland het NK wielrennen in Ootmarsum. Een hele eer, maar geen sinecure voor een handvol vrijwilligers, die alles in goede banen moesten leiden langs het parcours van 13,5 kilometer. Iedereen was enthousiast. ‘NK wielrennen één groot feest’, kopte de Twentsche Courant Tubantia geestdriftig.

Dat was in 2014. Nu zitten bestuursleden en enkele supporters met kwaaie koppen in de zaal waar de Raad voor de Journalistiek zich buigt over hun klacht. De krant, waar ze al die jaren toch fijn mee hadden samengewerkt, heeft het in hun ogen helemaal verbruid. ‘Wielergeld gaat op aan geruzie’, kopte Tubantia in juni vorig jaar. De oud-penningmeester spreekt over financiële malversaties. De bestuursleden ontkennen, maar dat zij de reserves van de stichting aanspreken voor juridische bijstand in de strijd tegen hun oud-collega zet kwaad bloed.

Het is een onverkwikkelijke affaire. Een vierde NK wielrennen zit er niet meer in voor Ootmarsum. En dat is eigenlijk de schuld van de krant, vinden de klagers. De voorzitter dacht dat hij goede contacten had met de redactie en rekende op ‘een positieve insteek’, maar zij heeft volgens hem de verkeerde kant gekozen. Pijnlijk, want nu kijkt iedereen elkaar met scheve ogen aan in de kleine Twentse wielerwereld.

De hoofdredacteur en de verslaggevers betreuren het. De krant is graag enthousiast over de mooie dingen die in de regio gebeuren, maar de redactie beschouwt het ook als haar plicht om verslag te doen van minder fraaie zaken. De bestuursleden hebben met hun geruzie de ongunstige publiciteit over zich zelf afgeroepen. De Raad komt ook niet tot een andere conclusie. De krant heeft de zaak zorgvuldig uit de doeken gedaan.

De mannen van het wielrennen zijn vooral teleurgesteld omdat zij van hun krant niet hadden verwacht dat hij de vuile was buiten zou hangen. Het is een misverstand dat vaker leidt tot klachten bij de Raad: sommige mensen rekenen erop dat de redactie ‘aan de goede kant’ staat, hun visie verwoordt,  hun problemen helpt op te lossen. Maar de journalist is geen boodschappenjongen.

Tips

  •  Zeker als mensen weinig ervaring hebben met media, is ‘verwachtingsmanagement’ belangrijk. Leg bijvoorbeeld je werkwijze uit.
  • Laat ook geen misverstand bestaan over de publicatie: een groot interview is iets anders dan een quote in een kort item.
  • Een netwerk is belangrijk, maar voorkom dat mensen je zien als bondgenoot. Neem zo nodig wat afstand als het te gezellig dreigt te worden.
  • Het is voor mensen die publiciteit zoeken niet vanzelfsprekend maar ‘journalisten zijn vrij in de selectie van wat ze publiceren’ (uit de Leidraad van de Raad).
  • Lees de conclusie van de Raad over het wielrennen.

Frits van Exter is voorzitter van de Raad voor de Journalistiek. Hij heeft geen stem in de beoordeling van klachten en verwoordt hier zijn persoonlijke mening.