Uit het kort geding tegen de biograaf van Johan Cruijff blijkt dat sommige misverstanden over zorgvuldige en onzorgvuldige journalistiek hardnekkig zijn.
Auteur Auke Kok had er zelf geen erg in gehad toen hij het opschreef, las ik in het verslag in de Volkskrant van het kort geding voor de Amsterdamse rechtbank vrijdag. Het was ook niet meer dan één zin in een biografie van meer dan 600 pagina’s: Johan Cruijff liet zich door de naar hem vernoemde liefdadigheidsstichting 1 miljoen per jaar uitbetalen. Kok zag daar naar eigen zeggen zelf niet veel kwaads in, maar wilde slechts aangeven dat Cruijff bij zijn inzet voor de maatschappij, ook het eigenbelang niet uit het oog verloor.
Ik ken Auke Kok als een kundig en zorgvuldig journalist en begrijp dat je na drie jaar buffelen waarin je 170 interviews afneemt, niet alles even scherp meer kunt zien. Kennelijk was er bij de uitgever ook geen lampje gaan branden bij het redigeren van het manuscript. Jammer, want een smet op de presentatie van een bijzondere biografie had makkelijk voorkomen kunnen worden.
Je zag het woensdag al misgaan in De Wereld Draait Door. Matthijs van Nieuwkerk had het ene zinnetje (evenals de passages over de mythe van Cruijff als trouw familieman) wel opgemerkt. Hij vroeg Auke Kok of hij bestuurders van de Johan Cruyff Foundation om wederhoor had gevraagd. Nee, zei Kok. Hij had drie redenen: Hij was ‘zo zeker van’ het waarheidsgehalte omdat drie goed ingevoerde bronnen het onafhankelijk van elkaar hadden bevestigd. Bovendien hadden het gezin van Cruijff en de stichting vooraf laten weten niet te willen meewerken aan de biografie. En het ging ook niet om iets strafbaars – het mag gewoon.
De drie argumenten berusten op drie misverstanden.
- Je kunt nog zo zeker zijn van je bronnen, je hebt een probleem als zij anoniem moeten blijven en je verder niets – een jaarrekening bijvoorbeeld – in handen hebt om aannemelijk te maken dat het klopt.
- Dat een partij vooraf weigert mee te werken aan een publicatie, betekent niet dat je ontslagen bent van de plicht tot wederhoor, zeker niet als in de publicatie ernstige beschuldigingen worden geuit.
- En dat iets niet strafbaar is, betekent natuurlijk niet dat het geen ernstige beschuldiging is. Dat een icoon zelf heimelijk beter zou worden van liefdadigheid, is niet goed voor zijn nalatenschap, zijn erven en de stichting die in zijn naam voortgaat.
Bij de zitting bleken, volgens de verslagen in verschillende media, de advocaten van auteur en uitgever hardnekkig te volharden in hun ongelijk. Zij haalden er de vrijheid van meningsuiting bij, beweerden dat hoor-en-wederhoor geen absoluut vereiste is en dat op een journalist niet de bewijslast voor beschuldigingen rust. Het is allemaal van belang, maar niet in deze zaak.
Vrijheid van meningsuiting betekent niet dat het je vrij staat iemand zonder bewijs te beschuldigen. Je kunt van wederhoor eigenlijk alleen tot op zekere hoogte afzien als het om opinies gaat of feitelijke verslagen, bijvoorbeeld van openbare rechtszittingen (als iemand wordt veroordeeld wegens diefstal hoef je hem niet te vragen of dat klopt). En een journalist hoeft beschuldigingen niet te bewijzen, maar hij moet wel zijn best doen aannemelijk te maken dat hij waarheidsgetrouw tewerk is gegaan.
Rechtbank en Raad voor de Journalistiek denken niet per se hetzelfde over journalistieke zorgvuldigheid, maar hierin lijken zij behoorlijk met elkaar te sporen. Twee jaar geleden beoordeelde de Raad een klacht van een moeder tegen Twentsche Courant Tubantia. Zij maakte bezwaar tegen een artikel waarin zij en haar partner werden beschuldigd van huiselijk geweld tegen haar zestienjarige zoon. De vader, haar ex, was de bron. De moeder had niet willen meewerken aan het artikel. De Raad meende dat dat de redactie geen vrijbrief bood om dan ook maar af te zien van wederhoor.
Gelukkig had Auke Kok zelf ook door dat het niet goed zat. Hij zei tijdens de zitting dat hij na wat nadere raadplegingen was gaan twijfelen over de bewering en te betreuren dat het zo in het boek was gekomen.
Misschien hebben zijn bronnen wel de klok horen luiden maar de verkeerde kerk aangewezen. Het Parool meldde zaterdag op basis van ‘een ingewijde’ dat Cruijff destijds een apart contract had met de Postcode Loterij, een belangrijke sponsor van de Cruyff Foundation. Mensen van de loterij wilden daar niet op reageren.
Gelukkig weegt de rechter alle belangen af en was hem in deze zaak de eis om het boek uit de handel te nemen te gortig. De materiële schade bleef beperkt tot de zittingskosten en een inlegvel met rectificatie in de eerste druk. In een volgende druk zal dat ene zinnetje ontbreken.
